Uut 't Wald | Voggelenkouwe (2)

Voggelenkouwe (2)

Vier weken geleden besprak ik in deze rubriek de voggelenkouwe, de vogelkooi dus, die vroeger in bijna iedere boerenkeuken hing. Vaak boven de deur tussen de 'kökken' en de 'delle'. Op dat verhaaltje kreeg ik tal van reacties. Voor diverse lezers was het heel herkenbaar, zij konden zich herinneren dat er vroeger thuis of bij opa en oma ook zo'n kooitje hing. Meestal een doevenkouw, waar – het woord zegt het al – dus een duif in zat. Of soms twee.
Uit wat zij vertelden bleek overigens wel, dat die duiven er niet zomaar voor de gezelligheid hingen. Althans niet alleen maar. Bernarda Groot Nibbelink uit Varsseveld meent van haar buren (die zo'n kooitje hadden) ooit te hebben gehoord dat het iets te maken had met ziektes. Ook bij Annie Klunder, een Achterhoekse met Sallandse roots, hing vroeger in het 'oldershuus' een duivenkooi. Zij meent te weten dat zo'n vogel werd aangeschaft als iemand in huis te kampen had met eczeem.
Beide dames hebben gelijk. Onze voorouders geloofden dat duiven hielpen tegen allerlei ziektes. Niet alleen eczeem, ook bijvoorbeeld dauwworm en reumatiek. Maar ze zouden ook goed zijn tegen ongedierte in huis. Hun gekoer zou ratten en muizen verjagen. Mogelijk daarom die plek boven de deur. Daar had zo'n duif het meeste effect. In voorhuis zowel als achterhuis.
Overigens schreef ik dat in de 'kökken' ook musjes werden gehouden en dat een vogelkooi daarom ook wel mussenkouw werd genoemd. Dat is onjuist. Met mussen worden (in de Liemers) alle kleine vogeltjes bedoeld, dus ook vinken, mezen en roodborstjes.

Meer berichten