Foto: Nick Oostendorp

Elten

De lente klopt aan de voordeur. Laat het eerst maar eens voorjaar worden, zei mijn oma altijd, als zich 's winters een probleem aandiende waarvoor niet meteen een oplossing voorhanden was. De lente als krachtig geneesmiddel, als voorbode van nieuw leven.
In dit jaargetijde gaan mijn vrouw en ik regelmatig de grens over. Nee, niet naar Zuid-Afrika, Thailand of Chili, maar naar Elten, 5 kilometer verderop, om asperges, aardbeien, kersen en Duitse broodjes te kopen. Maar bovenal om even binnen te wippen bij San Remo want de gelijknamige ijssalon opent haar deuren altijd begin maart.
In niets doet de sober ingerichte zaak in Elten aan de mondaine Italiaanse badplaats aan de Middellandse Zee denken maar het Italiaanse ijs smaakt zoals dat moet smaken: delizioso. Wij lusten er wel pap van, dus beperken we onze bezoekjes tot momenten waarop we onze 'ijsverslaving' echt niet meer kunnen onderdrukken en combineren die vaak met een reisje langs de Rijn naar Tolkamer.
Elten is een echte grensplaats, je ziet net zo veel auto's met Duitse als Nederlandse kentekenplaten. En mocht je de Duitse taal niet machtig zijn is dat überhaupt geen probleem. De inwoners kunnen je prima verstaan terwijl ze zelf ook een aardig mondje over de grens spreken. Elten is aan drie kanten omgeven door Nederland en tot circa 1700 was de voertaal Nederlands.
In 1949 werd Elten ter compensatie voor de Duitse bezetting in WO2 aan Nederland toegewezen. De na-oorlogse woningwetwoningen en opschriften als Restaurant Het Oude Posthuis herinneren nog aan deze periode, die 14 jaar heeft geduurd. Op 1 augustus 1963 werd het dorp weer Duits.
Een van de mooiste verhalen uit de locale geschiedenis speelt zich af in de nacht voorafgaande aan die overgang en die staat bekend als de Eltense Boternacht. Op 31 juli zetten handige exporteurs diverse vrachtwagens vol met producten, voornamelijk boter, in het Nederlandse Elten. De volgende dag stonden de vrachtwagens mét de goederen, zonder een meter te hoeven rijden en zonder een cent aan invoerrechten te hoeven betalen, dus in Duitsland. De vermoedelijke winst bedroeg 60 miljoen gulden. Kassa.
Hoewel het dorp daar zelf niks aan kan doen, heeft Elten één grote makke: de spoorbaan. Of liever gezegd de spoorbomen. Die staan minutenlang naar beneden als er ergens in de verte een trein aankomt. En er komen nogal wat treinen langs, sinds de Betuwelijn is geopend.
Een week geleden kon ik dat weer eens ervaren toen ik even ging kijken of er tussen Elten en Lobith al houdbaar natuurijs lag. Heen moest ik een hele tijd wachten, terug nog een keer, beide malen voor een goederentrein, en als kers op de taart kwam er ook nog zo'n moderne ICE voorbij denderen. Grrr. Al met al heeft me dat een kwartier gekost. Nu heb ik tegenwoordig alle tijd van de wereld maar je zou, zoals de moderne mens, maar haast hebben. Dan krijgen hart en maag het zwaar te verduren.

Meer berichten